Bepaal voor z₁ = 6 − j5 en z₂ = −4 + j4 het reële deel van het product z₁·z₂.
Werkblad Complexe getallen met antwoorden
1.Makkelijk
z₁ = 6 − j5z₂ = −4 + j4
Re(z₁z₂) =
2.Makkelijk
Bepaal voor z₁ = −4 + j3 en z₂ = −4 − j2 het imaginaire deel van het product z₁·z₂.
z₁ = −4 + j3z₂ = −4 − j2
Im(z₁z₂) =
3.Gemiddeld
Schrijf z = 6∠−130° in rechthoekige vorm a + jb en geef het reële deel a.
r = 6θ = −130°
a =
4.Gemiddeld
Bepaal het argument θ van z = −6 − j9 in graden, als hoofdwaarde tussen −180° en 180°.
z = −6 − j9
θ = °
5.Moeilijk
Precies één van de punten A–D is een wortel van z⁶ = 729∠90°. Klik erop.
w = 729∠90°n = 6
- 1A (3∠−105°)
- 2B (3∠−75°)
- 3C (3∠105°)
- 4D (5,4∠−105°)
6.Moeilijk
De wortels van zⁿ = w met n = 6 en w = 729∠−90° zijn zk = R1/n∠((φ + 360°·k)/n), k = 0, 1, …, 5. Bepaal het imaginaire deel van z₅.
w = 729∠−90°n = 6k = 5
Im(z₅) =
Antwoordenblad
- 1. Re(z₁z₂) = −4
- 2. Im(z₁z₂) = −4
- 3. a = −3,857
- 4. θ = −123,7 °
- 5. A (3∠−105°)
- 6. Im(z₅) = −2,898
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.