Bepaal voor z₁ = −6 − j6 en z₂ = 5 + j4 de modulus van het quotiënt, |z₁/z₂|.
Werkblad Complexe getallen met antwoorden
1.Makkelijk
z₁ = −6 − j6z₂ = 5 + j4
|z₁/z₂| =
2.Makkelijk
Bepaal voor z₁ = 7 − j8 en z₂ = 1 + j4 het reële deel van w = 2z₁ − 3z₂.
z₁ = 7 − j8z₂ = 1 + j4
Re(w) =
3.Gemiddeld
Gegeven z₁ = 5∠30° en z₂ = 1,5∠−50°, bepaal het argument θ van w = z₁/z₂ in graden, tussen −180° en 180°.
z₁ = 5∠30°z₂ = 1,5∠−50°
θ = °
4.Gemiddeld
Bepaal het argument θ van z = −1 + j8 in graden, als hoofdwaarde tussen −180° en 180°.
z = −1 + j8
θ = °
5.Moeilijk
Eén wortel van z³ − 4z² + 9z − 10 = 0 is z₁ = 1 + j2. De coëfficiënten zijn reëel. Bepaal de reële wortel r.
z₁ = 1 + j2
r =
6.Moeilijk
Eén wortel van z³ + 4z² + 6z − 36 = 0 is z₁ = −3 + j3. De coëfficiënten zijn reëel. Bepaal de reële wortel r.
z₁ = −3 + j3
r =
Antwoordenblad
- 1. |z₁/z₂| = 1,325
- 2. Re(w) = 11
- 3. θ = 80 °
- 4. θ = 97,13 °
- 5. r = 2
- 6. r = 2
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.