Bepaal voor z₁ = −6 − j5 en z₂ = −6 + j4 het reële deel van het product z₁·z₂.
Werkblad Complexe getallen met antwoorden
1.Makkelijk
z₁ = −6 − j5z₂ = −6 + j4
Re(z₁z₂) =
2.Makkelijk
Bepaal voor z₁ = −1 − j en z₂ = −4 − j6 het reële deel van het quotiënt z₁/z₂.
z₁ = −1 − jz₂ = −4 − j6
Re(z₁/z₂) =
3.Gemiddeld
Gegeven z₁ = 2,5∠70° en z₂ = 4∠20°, bepaal het imaginaire deel van w = z₁·z₂.
z₁ = 2,5∠70°z₂ = 4∠20°
Im(w) =
4.Gemiddeld
Bepaal het argument θ van z = −9 − j9 in graden, als hoofdwaarde tussen −180° en 180°.
z = −9 − j9
θ = °
5.Moeilijk
De wortels van zⁿ = w met n = 4 en w = 16∠120° zijn zk = R1/n∠((φ + 360°·k)/n), k = 0, 1, 2, 3. Bepaal het argument van z₀ in graden, tussen −180° en 180°.
w = 16∠120°n = 4k = 0
θ₀ = °
6.Moeilijk
Los z² − 2z + 7,25 = 0 op. De wortels zijn a ± jb; bepaal b > 0.
p = −2q = 7,25
b =
Antwoordenblad
- 1. Re(z₁z₂) = 56
- 2. Re(z₁/z₂) = 0,1923
- 3. Im(w) = 10
- 4. θ = −135 °
- 5. θ₀ = 30 °
- 6. b = 2,5
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.