Bepaal voor z₁ = −7 + j5 en z₂ = −6 + j6 de modulus van het quotiënt, |z₁/z₂|.
Werkblad Complexe getallen met antwoorden
1.Makkelijk
z₁ = −7 + j5z₂ = −6 + j6
|z₁/z₂| =
2.Makkelijk
Bepaal voor z₁ = 8 + j4 en z₂ = −5 − j het imaginaire deel van w = 4z₁ − 2z₂.
z₁ = 8 + j4z₂ = −5 − j
Im(w) =
3.Gemiddeld
Bepaal het argument θ van z = 4 − j4 in graden, als hoofdwaarde tussen −180° en 180°.
z = 4 − j4
θ = °
4.Gemiddeld
Schrijf z = 4∠−155° in rechthoekige vorm a + jb en geef het reële deel a.
r = 4θ = −155°
a =
5.Moeilijk
De wortels van zⁿ = w met n = 4 en w = 16∠−60° zijn zk = R1/n∠((φ + 360°·k)/n), k = 0, 1, 2, 3. Bepaal het argument van z₁ in graden, tussen −180° en 180°.
w = 16∠−60°n = 4k = 1
θ₁ = °
6.Moeilijk
Precies één van de punten A–D is een wortel van z³ = 27∠60°. Klik erop.
w = 27∠60°n = 3
- 1A (3∠−20°)
- 2B (3∠20°)
- 3C (5,4∠20°)
- 4D (3∠60°)
Antwoordenblad
- 1. |z₁/z₂| = 1,014
- 2. Im(w) = 18
- 3. θ = −45 °
- 4. a = −3,625
- 5. θ₁ = 75 °
- 6. B (3∠20°)
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.