Bepaal voor z₁ = −2 − j8 en z₂ = −2 + j3 de modulus van het product, |z₁z₂|.
Werkblad Complexe getallen met antwoorden
1.Makkelijk
z₁ = −2 − j8z₂ = −2 + j3
|z₁z₂| =
2.Makkelijk
Bepaal voor z₁ = −5 − j3 en z₂ = −3 + j5 de modulus van het quotiënt, |z₁/z₂|.
z₁ = −5 − j3z₂ = −3 + j5
|z₁/z₂| =
3.Gemiddeld
Gegeven z₁ = 1,5∠30° en z₂ = 3∠−140°, bepaal het imaginaire deel van w = z₁/z₂.
z₁ = 1,5∠30°z₂ = 3∠−140°
Im(w) =
4.Gemiddeld
Gegeven z₁ = 2,5∠100° en z₂ = 0,5∠−95°, bepaal het argument θ van w = z₁·z₂ in graden, tussen −180° en 180°.
z₁ = 2,5∠100°z₂ = 0,5∠−95°
θ = °
5.Moeilijk
Bepaal het imaginaire deel van (−1 − j2)⁴.
z = −1 − j2n = 4
Im(z⁴) =
6.Moeilijk
Precies één van de punten A–D is een wortel van z⁶ = 64∠120°. Klik erop.
w = 64∠120°n = 6
- 1A (2∠80°)
- 2B (1∠80°)
- 3C (2∠−80°)
- 4D (2∠110°)
Antwoordenblad
- 1. |z₁z₂| = 29,73
- 2. |z₁/z₂| = 1
- 3. Im(w) = 0,08682
- 4. θ = 5 °
- 5. Im(z⁴) = −24
- 6. A (2∠80°)
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.