Bepaal voor z₁ = −3 − j5 en z₂ = 1 − j6 de modulus van het product, |z₁z₂|.
Werkblad Complexe getallen met antwoorden
1.Makkelijk
z₁ = −3 − j5z₂ = 1 − j6
|z₁z₂| =
2.Makkelijk
Bepaal voor z₁ = 6 − j5 en z₂ = 5 − j het imaginaire deel van het product z₁·z₂.
z₁ = 6 − j5z₂ = 5 − j
Im(z₁z₂) =
3.Gemiddeld
Schrijf z = −2 + j8 in exponentiële vorm r·ejθ. Geef θ in radialen, tussen −π en π.
z = −2 + j8
θ = rad
4.Gemiddeld
Gegeven z₁ = 2,5∠70° en z₂ = 1,5∠65°, bepaal het imaginaire deel van w = z₁·z₂.
z₁ = 2,5∠70°z₂ = 1,5∠65°
Im(w) =
5.Moeilijk
Eén wortel van z³ − 6z² + 21z − 26 = 0 is z₁ = 2 + j3. De coëfficiënten zijn reëel. Bepaal de reële wortel r.
z₁ = 2 + j3
r =
6.Moeilijk
De wortels van zⁿ = w met n = 3 en w = 64∠−60° zijn zk = R1/n∠((φ + 360°·k)/n), k = 0, 1, 2. Bepaal het reële deel van z₀.
w = 64∠−60°n = 3k = 0
Re(z₀) =
Antwoordenblad
- 1. |z₁z₂| = 35,47
- 2. Im(z₁z₂) = −31
- 3. θ = 1,816 rad
- 4. Im(w) = 2,652
- 5. r = 2
- 6. Re(z₀) = 3,759
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.