Bepaal voor z₁ = 7 − j6 en z₂ = 6 + j4 het imaginaire deel van w = 4z₁ + 5z₂.
Werkblad Complexe getallen met antwoorden
1.Makkelijk
z₁ = 7 − j6z₂ = 6 + j4
Im(w) =
2.Makkelijk
Bepaal voor z₁ = −1 + j2 en z₂ = 4 + j5 het imaginaire deel van het quotiënt z₁/z₂.
z₁ = −1 + j2z₂ = 4 + j5
Im(z₁/z₂) =
3.Gemiddeld
Bepaal het argument θ van z = −9 − j3 in graden, als hoofdwaarde tussen −180° en 180°.
z = −9 − j3
θ = °
4.Gemiddeld
Het diagram toont z = 1 − j3. Met w = 0,5∠−90°, klik op het punt dat z/w voorstelt.
z = 1 − j3w = 0,5∠−90°
- 1A (2 − j6)
- 2B (−6 − j2)
- 3C (6 + j2)
- 4D (3 + j)
5.Moeilijk
Precies één van de punten A–D is een wortel van z⁶ = 64∠−90°. Klik erop.
w = 64∠−90°n = 6
- 1A (2∠−45°)
- 2B (2∠−75°)
- 3C (2∠75°)
- 4D (1∠−75°)
6.Moeilijk
Eén wortel van z³ + 4z² − 7z − 100 = 0 is z₁ = −4 + j3. De coëfficiënten zijn reëel. Bepaal de reële wortel r.
z₁ = −4 + j3
r =
Antwoordenblad
- 1. Im(w) = −4
- 2. Im(z₁/z₂) = 0,3171
- 3. θ = −161,6 °
- 4. C (6 + j2)
- 5. B (2∠−75°)
- 6. r = 4
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.