Een steekproef van 49 metingen heeft gemiddelde 151. De standaardafwijking van de populatie is bekend en is 26. Bereken de ondergrens van het 95%-betrouwbaarheidsinterval voor het gemiddelde.
Werkblad Betrouwbaarheidsintervallen met antwoorden
Een steekproef van 49 metingen heeft gemiddelde 54,5. De standaardafwijking van de populatie is bekend en is 6. Bereken de bovengrens van het 95%-betrouwbaarheidsinterval voor het gemiddelde.
De bloeddruk van 7 patiënten wordt gemeten voor en na een behandeling. De verschillen d = voor − na (mmHg) hebben gemiddelde 5,4 en standaardafwijking 3,8. Bereken de bovengrens van het 90%-betrouwbaarheidsinterval voor het gemiddelde verschil.
Een steekproef van 12 items heeft gemiddelde 48,5 en standaardafwijking s = 16,5. De populatie is bij benadering normaal verdeeld. Bereken de bovengrens van het 95%-betrouwbaarheidsinterval voor het gemiddelde.
De diameters van 10 bewerkte assen hebben een steekproefstandaardafwijking van 10,4 µm. Neem aan dat de diameters normaal verdeeld zijn en bereken de ondergrens σ van het 95%-betrouwbaarheidsinterval voor de standaardafwijking van de populatie. Bij df = 9 ligt 2,5% van de χ²-verdeling onder 2,7 en 2,5% boven 19,023.
Een vooronderzoek wijst erop dat ongeveer 0,2 van de producten defect is. Hoeveel producten n moeten worden gecontroleerd zodat een 95%-betrouwbaarheidsinterval voor de fractie een foutmarge van hoogstens 0,01 heeft?
Antwoordenblad
- 1. ondergrens = 143,7
- 2. bovengrens = 56,18
- 3. bovengrens = 8,191 mmHg
- 4. bovengrens = 58,98
- 5. σ = 7,153 µm
- 6. n = 6147
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.