In een peiling onder 500 willekeurig gekozen kiezers steunen 260 een voorstel. Bereken de bovengrens van het 95%-betrouwbaarheidsinterval voor de fractie voorstanders.
Werkblad Betrouwbaarheidsintervallen met antwoorden
In een peiling onder 250 willekeurig gekozen kiezers steunen 33 een voorstel. Bereken de foutmarge E van een 99%-betrouwbaarheidsinterval voor de fractie voorstanders.
De bloeddruk van 11 patiënten wordt gemeten voor en na een behandeling. De verschillen d = voor − na (mmHg) hebben gemiddelde −2,5 en standaardafwijking 6. Bereken de ondergrens van het 95%-betrouwbaarheidsinterval voor het gemiddelde verschil.
Een 90%-betrouwbaarheidsinterval voor een gemiddelde, gebaseerd op 50 waarnemingen en een bekende σ, heeft een foutmarge van 1,2. Wat is de foutmarge E₂ van een 99%-interval gebaseerd op 450 waarnemingen?
Twee kunstmeststoffen worden getest. Groep 1: 5 proefvelden, gemiddelde opbrengst 60,5 kg, standaardafwijking 7,5 kg. Groep 2: 9 proefvelden, gemiddelde 61 kg, standaardafwijking 4,5 kg. Neem gelijke varianties aan (gepoolde t, df = n₁ + n₂ − 2). Bereken de ondergrens van het 90%-betrouwbaarheidsinterval voor μ₁ − μ₂.
De standaardafwijking van de populatie is 34. Hoe groot moet de steekproef n zijn zodat een 90%-betrouwbaarheidsinterval voor het gemiddelde een foutmarge van hoogstens 3 heeft?
Antwoordenblad
- 1. bovengrens = 0,5638
- 2. E = 0,05515
- 3. ondergrens = −6,531 mmHg
- 4. E₂ = 0,6264
- 5. ondergrens = −6,145 kg
- 6. n = 348
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.