Werkblad Diodes en transistoren met antwoorden

Gratis printbaar werkblad Diodes en transistoren: 6 opgaven van makkelijk tot tentamenniveau, met antwoordenblad. Print het of sla het op als pdf.

Nieuw werkbladOnline oefenen met hints

Voor docenten: gratis te printen, kopiëren en in de les te gebruiken. Elk nieuw werkblad heeft nieuwe waarden en een eigen antwoordblad. Een link naar ExamProblems op je cursuspagina wordt gewaardeerd.

Naam: ____________________   Datum: ____________

1.Makkelijk
+−5 VR = ?3 V10 mA

Een wit led met een doorlaatspanning van 3 V werkt op een voeding van 5 V via een serieweerstand. Bepaal de weerstand R die de ledstroom op 10 mA instelt.

Vs = 5 VVF = 3 VI = 10 mA
R = Ω
2.Makkelijk
+−9 VR = ?2 V10 mA

Een rood led met een doorlaatspanning van 2 V werkt op een voeding van 9 V via een serieweerstand. Bepaal de weerstand R die de ledstroom op 10 mA instelt.

Vs = 9 VVF = 2 VI = 10 mA
R = Ω
3.Gemiddeld
+−20 V270 Ω5,6 V1500 ΩIZ​ = ?

Een zenerstabilisator van 5,6 V wordt gevoed uit 20 V via 270 Ω en voedt een belasting van 1500 Ω. Bepaal de zenerstroom IZ.

Vin = 20 VVZ = 5,6 VR = 270 ΩRL = 1500 Ω
IZ = mA
4.Gemiddeld
RC​ = 5,6 kΩβ = 80IC​ = ?RE​ = 1,5 kΩVCC​ = 12 VR1​ = 33 kΩR2​ = 6,8 kΩ

Een NPN-transistor met β = 80 wordt ingesteld met een spanningsdeler vanaf VCC = 12 V: R₁ = 33 kΩ van VCC naar de basis en R₂ = 6,8 kΩ van de basis naar massa. De collectorweerstand is RC = 5,6 kΩ en de emitterweerstand is RE = 1,5 kΩ. Neem VBE = 0,7 V en gebruik het Thévenin-equivalent van de deler (verwaarloos de basisstroom niet). Vind de collectorstroom IC in mA.

VCC = 12 VR1 = 33 kΩR2 = 6,8 kΩRC = 5,6 kΩRE = 1,5 kΩβ = 80
IC = mA
5.Moeilijk
RC​ = 150 Ωβ = 50IC​ = ?VCC​ = 9 V5 VRB​ = 47 kΩ

Een NPN-transistor met β = 50 schakelt een belastingsweerstand van 150 Ω, aangesloten tussen VCC = 9 V en de collector. De emitter ligt aan massa. De basis wordt aangestuurd vanuit een logische uitgang van 5 V via een basisweerstand RB = 47 kΩ. Neem VBE = 0,7 V en VCE(sat) = 0,2 V. Vind de collectorstroom IC in mA als de ingang hoog is. Bepaal eerst of de transistor verzadigd is.

VCC = 9 VRC = 150 Ωβ = 50Vin = 5 VVBE = 0,7 VVCE(sat) = 0,2 VRB = 47 kΩ
IC = mA
6.Moeilijk
+−≤ 18 V100 Ω3,3 V

Een zenerstabilisator van 3,3 V heeft een serieweerstand van 100 Ω. De ingangsspanning kan stijgen tot 18 V, en de belasting kan losgekoppeld worden. Bepaal het grootste vermogen PZ,max dat de zenerdiode moet dissiperen.

Vin,max = 18 VVZ = 3,3 VR = 100 Ω
PZ,max = mW

Antwoordenblad

  1. 1. R = 200 Ω
  2. 2. R = 700 Ω
  3. 3. IZ = 49,6 mA
  4. 4. IC = 0,8496 mA
  5. 5. IC = 4,574 mA
  6. 6. PZ,max = 485,1 mW

Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.