Werkblad Diodes en transistoren met antwoorden

Gratis printbaar werkblad Diodes en transistoren: 6 opgaven van makkelijk tot tentamenniveau, met antwoordenblad. Print het of sla het op als pdf.

Nieuw werkbladOnline oefenen met hints

Voor docenten: gratis te printen, kopiëren en in de les te gebruiken. Elk nieuw werkblad heeft nieuwe waarden en een eigen antwoordblad. Een link naar ExamProblems op je cursuspagina wordt gewaardeerd.

Naam: ____________________   Datum: ____________

1.Makkelijk
+−Vs​5 VR = 680 ΩD​I = ?

Een gelijkspanningsbron van 5 V stuurt stroom door een weerstand van 680 Ω in serie met een siliciumdiode in doorlaatrichting. Gebruik het model met constante spanningsval, 0,7 V per geleidende diode. Vind de stroom I in mA.

Vs = 5 VR = 680 ΩVD = 0,7 V
I = mA
2.Makkelijk
+−Vs​12 VR = 680 ΩD​I = ?

Een gelijkspanningsbron van 12 V stuurt stroom door een weerstand van 680 Ω in serie met een siliciumdiode in doorlaatrichting. Gebruik het model met constante spanningsval, 0,7 V per geleidende diode. Vind de stroom I in mA.

Vs = 12 VR = 680 ΩVD = 0,7 V
I = mA
3.Gemiddeld
RC​ = 1,5 kΩβ = 80RE​ = 1,2 kΩVCC​ = 15 VR1​ = 56 kΩR2​ = 6,8 kΩ

Een NPN-transistor met β = 80 wordt ingesteld met een spanningsdeler vanaf VCC = 15 V: R₁ = 56 kΩ van VCC naar de basis en R₂ = 6,8 kΩ van de basis naar massa. De collectorweerstand is RC = 1,5 kΩ en de emitterweerstand is RE = 1,2 kΩ. Neem VBE = 0,7 V en gebruik het Thévenin-equivalent van de deler (verwaarloos de basisstroom niet). Vind de collector-emitterspanning VCE.

VCC = 15 VR1 = 56 kΩR2 = 6,8 kΩRC = 1,5 kΩRE = 1,2 kΩβ = 80
VCE = V
4.Gemiddeld
RC​ = 3,3 kΩβ = 120RE​ = 1 kΩVCC​ = 18 VR1​ = 47 kΩR2​ = 15 kΩ

Een NPN-transistor met β = 120 wordt ingesteld met een spanningsdeler vanaf VCC = 18 V: R₁ = 47 kΩ van VCC naar de basis en R₂ = 15 kΩ van de basis naar massa. De collectorweerstand is RC = 3,3 kΩ en de emitterweerstand is RE = 1 kΩ. Neem VBE = 0,7 V en gebruik het Thévenin-equivalent van de deler (verwaarloos de basisstroom niet). Vind de collector-emitterspanning VCE.

VCC = 18 VR1 = 47 kΩR2 = 15 kΩRC = 3,3 kΩRE = 1 kΩβ = 120
VCE = V
5.Moeilijk
+−≤ 20 V220 Ω3,3 V

Een zenerstabilisator van 3,3 V heeft een serieweerstand van 220 Ω. De ingangsspanning kan stijgen tot 20 V, en de belasting kan losgekoppeld worden. Bepaal het grootste vermogen PZ,max dat de zenerdiode moet dissiperen.

Vin,max = 20 VVZ = 3,3 VR = 220 Ω
PZ,max = mW
6.Moeilijk
V (V)I (mA)0,65550Q = ?

Een diode wordt gemodelleerd als 0,65 V in serie met 50 Ω (hij geleidt boven 0,65 V). Hij staat in serie met een weerstand van 100 Ω over een voeding van 5 V. Bepaal de werkpuntstroom ID waar de diodelijn de belastinglijn snijdt.

Vs = 5 VR = 100 ΩV0 = 0,65 Vrd = 50 Ω
ID = mA

Antwoordenblad

  1. 1. I = 6,324 mA
  2. 2. I = 16,62 mA
  3. 3. VCE = 13,06 V
  4. 4. VCE = 3,725 V
  5. 5. PZ,max = 250,5 mW
  6. 6. ID = 29 mA

Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.