Werkblad Diodes en transistoren met antwoorden

Gratis printbaar werkblad Diodes en transistoren: 6 opgaven van makkelijk tot tentamenniveau, met antwoordenblad. Print het of sla het op als pdf.

Nieuw werkbladOnline oefenen met hints

Voor docenten: gratis te printen, kopiëren en in de les te gebruiken. Elk nieuw werkblad heeft nieuwe waarden en een eigen antwoordblad. Een link naar ExamProblems op je cursuspagina wordt gewaardeerd.

Naam: ____________________   Datum: ____________

1.Makkelijk
+−9 VR = ?3 V20 mA

Een wit led met een doorlaatspanning van 3 V werkt op een voeding van 9 V via een serieweerstand. Bepaal de weerstand R die de ledstroom op 20 mA instelt.

Vs = 9 VVF = 3 VI = 20 mA
R = Ω
2.Makkelijk
+−24 VR = ?2 V25 mA

Een rood led met een doorlaatspanning van 2 V werkt op een voeding van 24 V via een serieweerstand. Bepaal de weerstand R die de ledstroom op 25 mA instelt.

Vs = 24 VVF = 2 VI = 25 mA
R = Ω
3.Gemiddeld
RC​ = 1 kΩβ = 100IC​ = ?RE​ = 1 kΩVCC​ = 12 VR1​ = 39 kΩR2​ = 22 kΩ

Een NPN-transistor met β = 100 wordt ingesteld met een spanningsdeler vanaf VCC = 12 V: R₁ = 39 kΩ van VCC naar de basis en R₂ = 22 kΩ van de basis naar massa. De collectorweerstand is RC = 1 kΩ en de emitterweerstand is RE = 1 kΩ. Neem VBE = 0,7 V en gebruik het Thévenin-equivalent van de deler (verwaarloos de basisstroom niet). Vind de collectorstroom IC in mA.

VCC = 12 VR1 = 39 kΩR2 = 22 kΩRC = 1 kΩRE = 1 kΩβ = 100
IC = mA
4.Gemiddeld
RC​ = 4,7 kΩβ = 100RE​ = 680 ΩVCC​ = 18 VR1​ = 68 kΩR2​ = 8,2 kΩ

Een NPN-transistor met β = 100 wordt ingesteld met een spanningsdeler vanaf VCC = 18 V: R₁ = 68 kΩ van VCC naar de basis en R₂ = 8,2 kΩ van de basis naar massa. De collectorweerstand is RC = 4,7 kΩ en de emitterweerstand is RE = 680 Ω. Neem VBE = 0,7 V en gebruik het Thévenin-equivalent van de deler (verwaarloos de basisstroom niet). Vind de collector-emitterspanning VCE.

VCC = 18 VR1 = 68 kΩR2 = 8,2 kΩRC = 4,7 kΩRE = 680 Ωβ = 100
VCE = V
5.Moeilijk
+−≥ 20 VR = ?3,3 V≤ 40 mA

Een zenerstabilisator van 3,3 V moet tot 40 mA aan een belasting leveren. De ingangsspanning kan dalen tot 20 V, en de zenerdiode heeft minstens 1 mA nodig om te stabiliseren. Bepaal de grootste serieweerstand Rmax waarbij hij blijft stabiliseren.

Vin,min = 20 VVZ = 3,3 VIL,max = 40 mAIZ,min = 1 mA
Rmax = Ω
6.Moeilijk
+−≤ 17 V220 Ω5,6 V

Een zenerstabilisator van 5,6 V heeft een serieweerstand van 220 Ω. De ingangsspanning kan stijgen tot 17 V, en de belasting kan losgekoppeld worden. Bepaal het grootste vermogen PZ,max dat de zenerdiode moet dissiperen.

Vin,max = 17 VVZ = 5,6 VR = 220 Ω
PZ,max = mW

Antwoordenblad

  1. 1. R = 300 Ω
  2. 2. R = 880 Ω
  3. 3. IC = 3,153 mA
  4. 4. VCE = 9,232 V
  5. 5. Rmax = 407,3 Ω
  6. 6. PZ,max = 290,2 mW

Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.