Een zenerdiode van 3,3 V wordt gevoed uit 9 V via een weerstand van 100 Ω, zonder aangesloten belasting. Bepaal de stroom IR in de weerstand.
Werkblad Diodes en transistoren met antwoorden
Een zenerdiode van 6,2 V wordt gevoed uit 15 V via een weerstand van 470 Ω, zonder aangesloten belasting. Bepaal de stroom IR in de weerstand.
Een zenerstabilisator van 3,3 V wordt gevoed uit 24 V via 270 Ω en voedt een belasting van 470 Ω. Bepaal de zenerstroom IZ.
3 wit leds (doorlaatspanning 3 V per stuk) staan in serie met een weerstand op een voeding van 12 V. Bepaal de weerstand R die de stroom op 25 mA instelt.
Een zenerstabilisator van 5,6 V moet tot 50 mA aan een belasting leveren. De ingangsspanning kan dalen tot 15 V, en de zenerdiode heeft minstens 2 mA nodig om te stabiliseren. Bepaal de grootste serieweerstand Rmax waarbij hij blijft stabiliseren.
Een zenerstabilisator van 5,6 V heeft een serieweerstand van 220 Ω. De ingangsspanning kan stijgen tot 22 V, en de belasting kan losgekoppeld worden. Bepaal het grootste vermogen PZ,max dat de zenerdiode moet dissiperen.
Antwoordenblad
- 1. IR = 57 mA
- 2. IR = 18,72 mA
- 3. IZ = 69,65 mA
- 4. R = 120 Ω
- 5. Rmax = 180,8 Ω
- 6. PZ,max = 417,5 mW
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.