Een blauw led met een doorlaatspanning van 3,2 V werkt op een voeding van 5 V via een serieweerstand. Bepaal de weerstand R die de ledstroom op 20 mA instelt.
Werkblad Diodes en transistoren met antwoorden
Een blauw led met een doorlaatspanning van 3,2 V werkt op een voeding van 12 V via een serieweerstand. Bepaal de weerstand R die de ledstroom op 15 mA instelt.
Een zenerstabilisator van 5,1 V wordt gevoed uit 24 V via 270 Ω en voedt een belasting van 470 Ω. Bepaal de zenerstroom IZ.
Een zenerstabilisator van 12 V wordt gevoed uit 18 V via 100 Ω en voedt een belasting van 3300 Ω. Bepaal de zenerstroom IZ.
Een zenerstabilisator van 3,3 V moet tot 40 mA aan een belasting leveren. De ingangsspanning kan dalen tot 15 V, en de zenerdiode heeft minstens 2 mA nodig om te stabiliseren. Bepaal de grootste serieweerstand Rmax waarbij hij blijft stabiliseren.
Een diode wordt gemodelleerd als 0,6 V in serie met 20 Ω (hij geleidt boven 0,6 V). Hij staat in serie met een weerstand van 1000 Ω over een voeding van 3 V. Bepaal de werkpuntstroom ID waar de diodelijn de belastinglijn snijdt.
Antwoordenblad
- 1. R = 90 Ω
- 2. R = 586,7 Ω
- 3. IZ = 59,15 mA
- 4. IZ = 56,36 mA
- 5. Rmax = 278,6 Ω
- 6. ID = 2,353 mA
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.