Het voorschrift is 500 microgram (mcg) van een geneesmiddel. De tabletten bevatten elk 0,25 mg. Hoeveel tabletten n geef je?
Werkblad Dosisberekeningen met antwoorden
1.Makkelijk
500 mcg0,25 mg/tablet
n = tabletten
2.Makkelijk
Het voorschrift is 0,05 mg per injectie. De ampul vermeldt 100 microgram per mL. Welk volume V trek je op?
0,05 mg100 mcg/mL
V = mL
3.Gemiddeld
Een patiënt van 105 kg heeft een lichaamsoppervlak van 1,94 m². Het voorschrift is 135 mg/m². Bereken de dosis D in mg.
105 kgBSA = 1,94 m²135 mg/m²
D = mg
4.Gemiddeld
Een patiënt weegt 45 kg en krijgt 20 mg/kg als eenmalige dosis voorgeschreven. Bereken de dosis D in mg.
45 kg20 mg/kg
D = mg
5.Moeilijk
Een infuus bevat 40000 eenheden van een geneesmiddel in 250 mL. Het voorschrift is 800 eenheden per uur. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h?
40000 stuks/250 mL800 stuks/h
R = mL/h
6.Moeilijk
Je moet 1000 mL van een 5% (w/v) oplossing maken uit een 50% (w/v) voorraadoplossing. Welk volume voorraadoplossing V₁ heb je nodig?
C₁ = 50%C₂ = 5%V₂ = 1000 mL
V₁ = mL
Antwoordenblad
- 1. n = 2 tabletten
- 2. V = 0,5 mL
- 3. D = 261,9 mg
- 4. D = 900 mg
- 5. R = 5 mL/h
- 6. V₁ = 100 mL
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.