1.Makkelijk
Wie is volgens artikel 20 VWEU burger van de Europese Unie?
- AIeder die de nationaliteit van een lidstaat bezit
- BIeder die op het grondgebied van de EU is geboren
- CIeder die vijf jaar legaal in de EU woont
- DIeder die in een EU-lidstaat werkt
2.Makkelijk
Welk artikel van het VWEU verbiedt misbruik van een machtspositie?
- AArtikel 101
- BArtikel 102
- CArtikel 56
- DArtikel 107
3.Makkelijk
Een EU-verordening is:
- AVerbindend in al haar onderdelen en rechtstreeks toepasselijk in alle lidstaten
- BAlleen verbindend wat het resultaat betreft, de keuze van de methode is aan de lidstaten
- CAlleen bindend voor de Commissie
- DEen niet-bindende aanbeveling
4.Gemiddeld
Artikel 34 VWEU verbiedt:
- ADiscriminatie naar nationaliteit bij arbeid en dienstverlening tussen lidstaten
- BStaatssteun aan bedrijven
- CKartels tussen ondernemingen
- DKwantitatieve invoerbeperkingen en maatregelen van gelijke werking tussen lidstaten
5.Gemiddeld
In Simmenthal (1978) oordeelde het Hof van Justitie dat een nationale rechter die een nationale wet strijdig met EU-recht tegenkomt:
- AEerst het nationale parlement moet vragen de wet te wijzigen
- BMoet wachten tot het nationale constitutionele hof de wet vernietigt voordat hij haar buiten toepassing mag laten
- CDe nationale wet moet toepassen als die later is vastgesteld
- DDie wet ambtshalve buiten toepassing moet laten, zonder op intrekking ervan te wachten
6.Gemiddeld
Van Gend en Loos (1963) stelde vast dat:
- AVerdragsbepalingen alleen de lidstaten binden en voor particulieren nooit rechten scheppen voor de nationale rechter
- BRichtlijnen horizontale rechtstreekse werking hebben
- CLidstaten de EU naar believen kunnen verlaten
- DVerdragsbepalingen rechtstreekse werking kunnen hebben en particulieren rechten geven die zij voor de nationale rechter kunnen inroepen
7.Moeilijk
In CIA Security (1996) werden Belgische technische voorschriften die niet, zoals een richtlijn vereiste, bij de Commissie waren gemeld, geacht:
- AGeldig te zijn, omdat richtlijnen geen horizontale rechtstreekse werking hebben
- BBuiten toepassing te moeten blijven, zelfs in een geschil tussen particuliere concurrenten
- CGeldig te zijn totdat de Commissie een inbreukprocedure begint
- DAlleen nietig te zijn in geschillen tegen de Belgische staat
8.Moeilijk
Het Melloni-arrest bepaalde dat een lidstaat NIET:
- AEnig Europees aanhoudingsbevel mag uitvoeren
- BVragen aan het Hof van Justitie mag stellen
- CEen hogere nationale grondrechtenstandaard mag toepassen als die de voorrang, eenheid en doeltreffendheid van het EU-recht in een volledig geharmoniseerd gebied aantast
- DOoit grondrechten sterker mag beschermen dan de EU
Antwoordenblad
- 1. A · Ieder die de nationaliteit van een lidstaat bezit
- 2. B · Artikel 102
- 3. A · Verbindend in al haar onderdelen en rechtstreeks toepasselijk in alle lidstaten
- 4. D · Kwantitatieve invoerbeperkingen en maatregelen van gelijke werking tussen lidstaten
- 5. D · Die wet ambtshalve buiten toepassing moet laten, zonder op intrekking ervan te wachten
- 6. D · Verdragsbepalingen rechtstreekse werking kunnen hebben en particulieren rechten geven die zij voor de nationale rechter kunnen inroepen
- 7. B · Buiten toepassing te moeten blijven, zelfs in een geschil tussen particuliere concurrenten
- 8. C · Een hogere nationale grondrechtenstandaard mag toepassen als die de voorrang, eenheid en doeltreffendheid van het EU-recht in een volledig geharmoniseerd gebied aantast
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.