Werkblad Hypothesetoetsen & betrouwbaarheidsintervallen met antwoorden

Gratis printbaar werkblad Hypothesetoetsen & betrouwbaarheidsintervallen: 6 opgaven van makkelijk tot tentamenniveau, met antwoordenblad. Print het of sla het op als pdf.

Nieuw werkbladOnline oefenen met hints

Voor docenten: gratis te printen, kopiëren en in de les te gebruiken. Elk nieuw werkblad heeft nieuwe waarden en een eigen antwoordblad. Een link naar ExamProblems op je cursuspagina wordt gewaardeerd.

Naam: ____________________   Datum: ____________

1.Makkelijk
μ₀x̄c = ?α = 0,10

Een leverancier beweert dat de gemiddelde breeksterkte van een kabel 120 kN is; je vermoedt dat die hoger is. De standaardafwijking is bekend en is 12 kN. Je neemt een steekproef van 100 kabels en toetst H₀: μ = 120 kN tegen H₁: μ > 120 kN bij α = 0,10. Boven welk steekproefgemiddelde x̄c verwerp je H₀?

μ₀ = 120 kNσ = 12 kNn = 100α = 0,10
x̄c = kN
2.Makkelijk
−2,45p = ?

Een z-toets van H₀: μ = μ₀ tegen H₁: μ < μ₀ geeft de toetsingsgrootheid z = −2.45. Bereken de p-waarde p.

z = −2,45H₁: μ < μ₀
p =
3.Gemiddeld
−1,961,96z = ?

Twee productielijnen maken hetzelfde onderdeel. Lijn 1: een steekproef van 50 onderdelen heeft een gemiddelde lengte van 109 mm, en de bekende standaardafwijking van de lijn is 7 mm. Lijn 2: een steekproef van 40 onderdelen heeft gemiddelde 112,4 mm, bekende standaardafwijking 8 mm. Bereken de toetsingsgrootheid z voor H₀: μ₁ = μ₂, met als verschil x̄₁ − x̄₂ (lijn 1 min lijn 2).

n₁ = 50x̄₁ = 109 mmσ₁ = 7 mmn₂ = 40x̄₂ = 112,4 mmσ₂ = 8 mm
z =
4.Gemiddeld
t −2,06402,064

Een steekproef van 25 studenten heeft een gemiddelde score van 37,6 en een steekproefstandaardafwijking van 20. Bereken de toetsingsgrootheid t voor H₀: μ = 50.

μ₀ = 50x̄ = 37,6s = 20n = 25
t =
5.Moeilijk
z −1,9601,96

Een steekproef van 49 metingen heeft gemiddelde 199,9. De standaardafwijking van de populatie is 5. Bereken de ondergrens L van het 95%-betrouwbaarheidsinterval voor het gemiddelde.

x̄ = 199,9σ = 5n = 4995%
L =
6.Moeilijk
σ = 8, n = ?x̄ − Ex̄ + Ex̄E = 395%

Hoe groot moet een steekproef zijn zodat het 95%-betrouwbaarheidsinterval voor een gemiddelde een foutmarge van hoogstens 3 heeft? De standaardafwijking is 8. Bereken de kleinste steekproefomvang n.

σ = 8E = 395%
n =

Antwoordenblad

  1. 1. x̄c = 121,5 kN
  2. 2. p = 0,007143
  3. 3. z = −2,117
  4. 4. t = −3,1
  5. 5. L = 198,5
  6. 6. n = 28

Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.