Gebruik de maasmethode om de spanning VR3 over R3 met de aangegeven polariteit te vinden.
Werkblad Maasmethode met antwoorden
1.Makkelijk
V1 = 6 VR1 = 3 ΩR2 = 3 ΩR3 = 2 ΩR4 = 12 Ω
VR3 = V
2.Makkelijk
Gebruik de maasmethode om de maasstroom I2 (met de klok mee) te vinden.
V1 = 8 VR1 = 8 ΩR2 = 4 ΩR3 = 12 ΩR4 = 4 Ω
I2 = A
3.Gemiddeld
Gebruik de maasmethode om de maasstroom I1 (met de klok mee) te vinden.
V1 = 9 VV2 = 9 VR1 = 8 ΩR2 = 20 ΩR3 = 10 Ω
I1 = A
4.Gemiddeld
Gebruik de maasmethode om de stroom IR1 door R1 in de richting van de pijl te vinden.
V1 = 15 VV2 = 9 VR1 = 5 ΩR2 = 20 ΩR3 = 5 Ω
IR1 = A
5.Moeilijk
Gebruik de maasmethode om de stroom IR4 door R4 in de richting van de pijl te vinden.
V1 = 18 VV2 = 15 VR1 = 10 ΩR2 = 20 ΩR3 = 30 ΩR4 = 25 ΩR5 = 25 Ω
IR4 = A
6.Moeilijk
Gebruik de maasmethode om de stroom IR3 door R3 in de richting van de pijl te vinden.
V1 = 6 VV2 = 12 VR1 = 6 ΩR2 = 8 ΩR3 = 10 ΩR4 = 25 ΩR5 = 30 Ω
IR3 = A
Antwoordenblad
- 1. VR3 = 2,222 V
- 2. I2 = 0,375 A
- 3. I1 = 0,4091 A
- 4. IR1 = 1,467 A
- 5. IR4 = 0,472 A
- 6. IR3 = −0,4534 A
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.