Een punt in een belast onderdeel heeft σₓ = 130 MPa, σᵧ = 110 MPa en τₓᵧ = 30 MPa (trek positief). Bereken de kleinste hoofdspanning σ2.
Werkblad Cirkel van Mohr en spanningstransformatie met antwoorden
Een punt aan het oppervlak van een as op torsie verkeert in zuivere afschuiving met τₓᵧ = −50 MPa (σₓ = σᵧ = 0). Bereken de normaalspanning σθ op een vlak waarvan de normaal 15° tegen de klok in gedraaid is ten opzichte van de x-as.
In een punt is σₓ = 10 MPa, σᵧ = −40 MPa en τₓᵧ = 10 MPa (trek positief). Het element wordt 20° rechtsom gedraaid. Vind de normaalspanning σy′ op de vlakken van het gedraaide element die loodrecht staan op de gedraaide y′-as.
In een punt is σₓ = 30 MPa, σᵧ = 110 MPa en τₓᵧ = −30 MPa (trek positief). Het element wordt 60° linksom gedraaid. Vind de normaalspanning σy′ op de vlakken van het gedraaide element die loodrecht staan op de gedraaide y′-as.
Een punt in een dunne plaat verkeert in een vlakke spanningstoestand: σₓ = −50 MPa, σᵧ = 110 MPa en τₓᵧ = −10 MPa (σz = 0). Het materiaal heeft een vloeigrens van 275 MPa. Vind de veiligheidsfactor n tegen vloeien volgens het criterium van Tresca (maximale schuifspanning).
Een punt in een belast onderdeel heeft σₓ = 120 MPa, σᵧ = 0 MPa en τₓᵧ = −10 MPa (trek positief). Bereken de normaalspanning σθ op een vlak waarvan de normaal 20° tegen de klok in gedraaid is ten opzichte van de x-as.
Antwoordenblad
- 1. σ2 = 88,38 MPa
- 2. σθ = −25 MPa
- 3. σy′ = −27,72 MPa
- 4. σy′ = 75,98 MPa
- 5. n = 1,705
- 6. σθ = 99,53 MPa
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.