In een punt is σₓ = 110 MPa en σᵧ = 70 MPa, plus een zekere schuifspanning. Op een element dat over 25° gedraaid is, is de normaalspanning in de gedraaide x′-richting 118,2 MPa. Vind de normaalspanning σy′ in de gedraaide y′-richting.
Werkblad Cirkel van Mohr en spanningstransformatie met antwoorden
Een punt in een belast onderdeel heeft σₓ = 10 MPa, σᵧ = 20 MPa en τₓᵧ = −30 MPa (trek positief). Bereken de grootste hoofdspanning σ1.
In een punt is σₓ = 120 MPa en σᵧ = −40 MPa. Hoe groot mag de schuifspanning τxy (grootte) worden voordat de grootste hoofdspanning 150 MPa bereikt?
Een punt in een belast onderdeel heeft σₓ = 60 MPa, σᵧ = 80 MPa en τₓᵧ = −10 MPa (trek positief). Bereken de maximale schuifspanning in het vlak τmax.
Een punt in een dunne plaat verkeert in een vlakke spanningstoestand: σₓ = 150 MPa, σᵧ = −10 MPa en τₓᵧ = −60 MPa (σz = 0). Het materiaal heeft een vloeigrens van 300 MPa. Vind de veiligheidsfactor n tegen vloeien volgens het criterium van Von Mises (vormveranderingsenergie).
Een punt in een dunne plaat verkeert in een vlakke spanningstoestand: σₓ = −50 MPa, σᵧ = 40 MPa en τₓᵧ = −20 MPa (σz = 0). Het materiaal heeft een vloeigrens van 420 MPa. Vind de veiligheidsfactor n tegen vloeien volgens het criterium van Tresca (maximale schuifspanning).
Antwoordenblad
- 1. σy′ = 61,8 MPa
- 2. σ1 = 45,41 MPa
- 3. τxy = 75,5 MPa
- 4. τmax = 14,14 MPa
- 5. n = 1,606
- 6. n = 4,264
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.