Een punt in een belast onderdeel heeft σₓ = 100 MPa, σᵧ = 120 MPa en τₓᵧ = −20 MPa (trek positief). Bereken de kleinste hoofdspanning σ2.
Werkblad Cirkel van Mohr en spanningstransformatie met antwoorden
In een punt is σₓ = 100 MPa en σᵧ = 120 MPa, plus een zekere schuifspanning. Op een element dat over 35° gedraaid is, is de normaalspanning in de gedraaide x′-richting 59,6 MPa. Vind de normaalspanning σy′ in de gedraaide y′-richting.
In een punt is σₓ = 80 MPa en σᵧ = −60 MPa. Hoe groot mag de schuifspanning τxy (grootte) worden voordat de grootste hoofdspanning 90 MPa bereikt?
In een punt is σₓ = −80 MPa, σᵧ = 80 MPa en τₓᵧ = 30 MPa (trek positief). Het element wordt 20° rechtsom gedraaid. Vind de normaalspanning σy′ op de vlakken van het gedraaide element die loodrecht staan op de gedraaide y′-as.
Een punt in een dunne plaat verkeert in een vlakke spanningstoestand: σₓ = 60 MPa, σᵧ = −80 MPa en τₓᵧ = −50 MPa (σz = 0). Het materiaal heeft een vloeigrens van 460 MPa. Vind de veiligheidsfactor n tegen vloeien volgens het criterium van Von Mises (vormveranderingsenergie).
Een punt in een dunne plaat verkeert in een vlakke spanningstoestand: σₓ = −50 MPa, σᵧ = −20 MPa en τₓᵧ = −50 MPa (σz = 0). Het materiaal heeft een vloeigrens van 275 MPa. Vind de veiligheidsfactor n tegen vloeien volgens het criterium van Tresca (maximale schuifspanning).
Antwoordenblad
- 1. σ2 = 87,64 MPa
- 2. σy′ = 160,4 MPa
- 3. τxy = 38,73 MPa
- 4. σy′ = 80,57 MPa
- 5. n = 3,08
- 6. n = 2,634
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.