Werkblad Knooppuntmethode met antwoorden

Gratis printbaar werkblad Knooppuntmethode: 6 opgaven van makkelijk tot tentamenniveau, met antwoordenblad. Print het of sla het op als pdf.

Nieuw werkbladOnline oefenen met hints

Voor docenten: gratis te printen, kopiëren en in de les te gebruiken. Elk nieuw werkblad heeft nieuwe waarden en een eigen antwoordblad. Een link naar ExamProblems op je cursuspagina wordt gewaardeerd.

Naam: ____________________   Datum: ____________

1.Makkelijk
R1​ = 3 Ω+−V1​15 VR2​4 ΩAIs​2 A

Gebruik de knooppuntmethode om de knooppuntspanning VA (gemeten ten opzichte van massa) te vinden.

V1 = 15 VIs = 2 AR1 = 3 ΩR2 = 4 Ω
VA = V
2.Makkelijk
R1​ = 2 ΩIR1​+−V1​15 VR2​10 ΩAIs​2 A

Gebruik de knooppuntmethode om de stroom IR1 door R1 in de richting van de pijl te vinden.

V1 = 15 VIs = 2 AR1 = 2 ΩR2 = 10 Ω
IR1 = A
3.Gemiddeld
−+Vs​ = 6 VIx​Is​5 AAR1​4 ΩR2​4 ΩB

De spanningsbron Vₛ tussen A en B heeft haar +-klem bij B, dus ze legt VB − VA = Vₛ vast. Gebruik de knooppuntmethode met een superknooppunt om de stroom Ix door de spanningsbron te vinden, van A naar B zoals de pijl aangeeft.

Is = 5 AVs = 6 VR1 = 4 ΩR2 = 4 Ω
Ix = A
4.Gemiddeld
−+Vs​ = 4 VIs​1,5 AAR1​3 ΩR2​20 ΩB

De spanningsbron Vₛ tussen A en B heeft haar +-klem bij B, dus ze legt VB − VA = Vₛ vast. Gebruik de knooppuntmethode met een superknooppunt om de knooppuntspanning VA (gemeten ten opzichte van massa) te vinden.

Is = 1,5 AVs = 4 VR1 = 3 ΩR2 = 20 Ω
VA = V
5.Moeilijk
R1​ = 2 Ω+−Vs​ = 9 VIx​+−V1​15 VR2​30 ΩAR3​3 ΩBIs​1,5 A

De spanningsbron Vₛ tussen A en B heeft haar +-klem bij A, dus ze legt VA − VB = Vₛ vast. Gebruik de knooppuntmethode met een superknooppunt om de stroom Ix door de spanningsbron te vinden, van A naar B zoals de pijl aangeeft.

V1 = 15 VIs = 1,5 AVs = 9 VR1 = 2 ΩR2 = 30 ΩR3 = 3 Ω
Ix = A
6.Moeilijk
R1​ = 2 ΩR2​ = 6 ΩR4​ = 20 ΩIR4​+−V1​5 VR3​25 ΩAR5​10 ΩBIs​4 A+−V2​15 V

Gebruik de knooppuntmethode om de stroom IR4 door R4 in de richting van de pijl te vinden.

V1 = 5 VIs = 4 AV2 = 15 VR1 = 2 ΩR2 = 6 ΩR3 = 25 ΩR4 = 20 ΩR5 = 10 Ω
IR4 = A

Antwoordenblad

  1. 1. VA = 12 V
  2. 2. IR1 = −0,4167 A
  3. 3. Ix = 3,25 A
  4. 4. VA = 3,391 V
  5. 5. Ix = 0,1154 A
  6. 6. IR4 = 0,2126 A

Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.