Werkblad Knooppuntmethode met antwoorden

Gratis printbaar werkblad Knooppuntmethode: 6 opgaven van makkelijk tot tentamenniveau, met antwoordenblad. Print het of sla het op als pdf.

Nieuw werkbladOnline oefenen met hints

Voor docenten: gratis te printen, kopiëren en in de les te gebruiken. Elk nieuw werkblad heeft nieuwe waarden en een eigen antwoordblad. Een link naar ExamProblems op je cursuspagina wordt gewaardeerd.

Naam: ____________________   Datum: ____________

1.Makkelijk
R1​ = 2 Ω+−V1​18 VR2​?AIs​1 A

De knooppuntspanning in A wordt gemeten als VA = 14,5 V. Gebruik de knooppuntmethode om de weerstand R2 te vinden.

V1 = 18 VIs = 1 AR1 = 2 ΩVA = 14,5 V
R2 = Ω
2.Makkelijk
R1​ = 3 ΩR2​ = 12 Ω+−V1​24 VR3​3 ΩA+−V2​24 V

Gebruik de knooppuntmethode om de knooppuntspanning VA (gemeten ten opzichte van massa) te vinden.

V1 = 24 VV2 = 24 VR1 = 3 ΩR2 = 12 ΩR3 = 3 Ω
VA = V
3.Gemiddeld
R1​12 Ω+−V1​30 VI1​R2​3 Ω+−V2​10 VR3​15 ΩA

Drie takken zijn aangesloten tussen knooppunt A en massa, zoals getekend. Gebruik de knooppuntmethode om de stroom I1 in tak 1 te vinden, die omhoog knooppunt A in stroomt in de richting van de pijl.

V1 = 30 VR1 = 12 ΩV2 = 10 VR2 = 3 ΩR3 = 15 Ω
I1 = A
4.Gemiddeld
−+Vs​ = 12 VIs​2,5 AAR1​4 ΩR2​8 ΩB

De spanningsbron Vₛ tussen A en B heeft haar +-klem bij B, dus ze legt VB − VA = Vₛ vast. Gebruik de knooppuntmethode met een superknooppunt om de knooppuntspanning VB (gemeten ten opzichte van massa) te vinden.

Is = 2,5 AVs = 12 VR1 = 4 ΩR2 = 8 Ω
VB = V
5.Moeilijk
R1​ = 2 ΩIR1​+−Vs​ = 3 V+−V1​5 VR2​6 ΩAR3​2 ΩBIs​1,5 A

De spanningsbron Vₛ tussen A en B heeft haar +-klem bij A, dus ze legt VA − VB = Vₛ vast. Gebruik de knooppuntmethode met een superknooppunt om de stroom IR1 door R1 in de richting van de pijl te vinden.

V1 = 5 VIs = 1,5 AVs = 3 VR1 = 2 ΩR2 = 6 ΩR3 = 2 Ω
IR1 = A
6.Moeilijk
R1​ = 5 Ω+−Vs​ = 15 V+−V1​18 VR2​25 ΩAR3​4 ΩBIs​4 A

De spanningsbron Vₛ tussen A en B heeft haar +-klem bij A, dus ze legt VA − VB = Vₛ vast. Gebruik de knooppuntmethode met een superknooppunt om de knooppuntspanning VA (gemeten ten opzichte van massa) te vinden.

V1 = 18 VIs = 4 AVs = 15 VR1 = 5 ΩR2 = 25 ΩR3 = 4 Ω
VA = V

Antwoordenblad

  1. 1. R2 = 5,273 Ω
  2. 2. VA = 13,33 V
  3. 3. I1 = 1,494 A
  4. 4. VB = 14,67 V
  5. 5. IR1 = 0,1429 A
  6. 6. VA = 23,16 V

Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.