Gebruik de bisectiemethode op f(x) = cos x − x met het begininterval [0, 1]. Bepaal het midden c4 van stap 4.
Werkblad Numerieke methoden met antwoorden
1.Makkelijk
f(x) = cos x − x[a, b] = [0, 1]n = 4
c4 =
2.Makkelijk
Pas Newton–Raphson toe op f(x) = e−x − x met startwaarde x₀ = 0,5. Bepaal x1.
f(x) = e−x − xf′(x) = −e−x − 1x₀ = 0,5
x1 =
3.Gemiddeld
De snelheid van een voertuig wordt elke 5 s gemeten (tabel). Schat de afgelegde afstand s van t = 0 tot t = 30 s met de trapeziumregel.
h = 5 sn = 6
s = m
4.Gemiddeld
De trapeziumregel wordt gebruikt voor ∫12 1/x dx. De fout is hoogstens (b − a)³·M/(12n²) met M = max|f″| op [1, 2]. Bepaal het kleinste aantal stroken n dat een fout kleiner dan 0,0001 garandeert.
f(x) = 1/x[a, b] = [1, 2]ε = 0,0001
n =
5.Moeilijk
Gebruik de methode van Heun (verbeterde Euler) met h = 0,25 voor y′ = 1 + sin(ty), y(0) = 0 om y3 ≈ y(0,75) te schatten.
y′ = 1 + sin(ty)y(0) = 0h = 0,25
y3 =
6.Moeilijk
Gebruik de methode van Heun (verbeterde Euler) met h = 0,2 voor y′ = e−ty, y(0) = 0,5 om y3 ≈ y(0,6) te schatten.
y′ = e−tyy(0) = 0,5h = 0,2
y3 =
Antwoordenblad
- 1. c4 = 0,6875
- 2. x1 = 0,5663
- 3. s = 367,5 m
- 4. n = 41
- 5. y3 = 0,9077
- 6. y3 = 0,9716
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.