Een inverterende versterker met een ideale opamp moet een spanningsversterking van −2 hebben. De ingangsweerstand is R1 = 4,7 kΩ. Vind de terugkoppelweerstand Rf.
Werkblad Opampschakelingen met antwoorden
De opamp is ideaal en wordt gevoed met ±15 V. Vind de uitgangsspanning Vout.
De verschilversterker gebruikt een ideale opamp met een voeding van ±15 V, met R3 = R1 en R4 = R2. Vind de uitgangsspanning Vout.
Kies de terugkoppelweerstand Rf die deze niet-inverterende versterker een spanningsversterking van 21 geeft.
Twee ideale opamptrappen staan in cascade: een inverterende versterker (R1, Rf1) gevolgd door een niet-inverterende versterker (R2 naar massa, Rf2 in de terugkoppeling). Beide worden gevoed met ±15 V. Vind de totale spanningsversterking Av = Vout/Vin.
De sommeerversterker gebruikt een ideale opamp met een voeding van ±15 V. Vind de stroom If door de terugkoppelweerstand, in de richting van de uitgang.
Antwoordenblad
- 1. Rf = 9,4 kΩ
- 2. Vout = 7,05 V
- 3. Vout = 5 V
- 4. Rf = 200 kΩ
- 5. Av = −24
- 6. If = −0,2298 mA
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.