Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 24 kg krijgt azithromycin 10 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld en elke 24 uur gegeven. Hoeveel milligram D wordt er per gift gegeven?
Werkblad Dosering bij kinderen en op de IC met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind weegt 44 lb. Het voorschrift is azithromycin 10 mg/kg/dag eenmaal per dag. Bereken met 1 kg = 2,2 lb de dosis D in mg die per keer wordt gegeven.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat 12 500 eenheden heparine in 250 mL. Het voorschrift is 18 eenheden/kg/h voor een patiënt van 53 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus van 100 eenheden kortwerkende insuline in 100 mL loopt met 4 mL/h. Hoeveel eenheden per uur D krijgt de patiënt?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus met dopamine, 400 mg in 250 mL, loopt met 30 mL/h. De patiënt weegt 65 kg. Welke dosis D in mcg/kg/min krijgt de patiënt? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt van 71 kg heeft een voorschrift voor nitroglycerin met 20 mcg/min. De zak bevat 25 mg in 250 mL. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Antwoordenblad
- 1. D = 240 mg
- 2. D = 200 mg
- 3. R = 19,1 mL/h
- 4. D = 4 stuks/h
- 5. D = 12,3 mcg/kg/min
- 6. R = 12 mL/h
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.