Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind weegt 77 lb. Het voorschrift is cefuroxime 20 mg/kg/dag verdeeld over 2 gelijke giften. Bereken met 1 kg = 2,2 lb de dosis D in mg die per keer wordt gegeven.
Werkblad Dosering bij kinderen en op de IC met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind weegt 22 lb. Het voorschrift is cephalexin 40 mg/kg/dag verdeeld over 2 gelijke giften. Bereken met 1 kg = 2,2 lb de dosis D in mg die per keer wordt gegeven.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat 12 500 eenheden heparine in 250 mL. Het voorschrift is 12 eenheden/kg/h voor een patiënt van 76 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus van 100 eenheden kortwerkende insuline in 250 mL loopt met 8 mL/h. Hoeveel eenheden per uur D krijgt de patiënt?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat dobutamine 500 mg in 250 mL. Het voorschrift is 5 mcg/kg/min voor een patiënt van 74 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus met dopamine, 800 mg in 500 mL, loopt met 23 mL/h. De patiënt weegt 96 kg. Welke dosis D in mcg/kg/min krijgt de patiënt? Rond af op één decimaal.
Antwoordenblad
- 1. D = 350 mg
- 2. D = 200 mg
- 3. R = 18,2 mL/h
- 4. D = 3,2 stuks/h
- 5. R = 11,1 mL/h
- 6. D = 6,4 mcg/kg/min
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.