Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind weegt 66 lb. Het voorschrift is clindamycin 20 mg/kg/dag verdeeld over 4 gelijke giften. Bereken met 1 kg = 2,2 lb de dosis D in mg die per keer wordt gegeven.
Werkblad Dosering bij kinderen en op de IC met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 21 kg krijgt amoxicillin 80 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld over elke 8 uur. De orale suspensie bevat 250 mg in 5 mL. Welk volume V geef je per gift? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenprotocol schrijft een heparinebolus van 60 eenheden/kg voor bij een patiënt van 59 kg. De flacon bevat 5 000 eenheden/mL. Welk volume V trek je op? Rond af op twee decimalen.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus bevat 100 eenheden kortwerkende insuline in 100 mL. Het voorschrift is 0,1 eenheden/kg/h voor een patiënt van 75 kg. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt van 93 kg heeft een voorschrift voor norepinephrine met 5 mcg/min. De zak bevat 4 mg in 250 mL. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat dopamine 400 mg in 250 mL. Het voorschrift is 5 mcg/kg/min voor een patiënt van 76 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Antwoordenblad
- 1. D = 150 mg
- 2. V = 11,2 mL
- 3. V = 0,71 mL
- 4. R = 7,5 mL/h
- 5. R = 18,8 mL/h
- 6. R = 14,3 mL/h
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.