Als de prijs van een product met 10 % daalt, stijgt de gevraagde hoeveelheid met 12 %. Bereken de prijselasticiteit van de vraag E.
Werkblad Prijselasticiteit van de vraag met antwoorden
Als de prijs van een product met 4 % daalt, stijgt de gevraagde hoeveelheid met 10 %. Bereken de prijselasticiteit van de vraag E.
Als de prijs van een kaartje verandert van €2,00 naar €3,50, verandert de weekafzet van 1200 naar 480. Gebruik de middelpuntmethode (boogelasticiteit) om de prijselasticiteit van de vraag E te berekenen.
Van een product worden 4 000 stuks per maand verkocht voor €5. De prijselasticiteit van de vraag is −0,6. Het bedrijf verandert de prijs met −20%. Met hoeveel ΔR verandert de maandomzet, als je aanneemt dat %ΔQ = E·%ΔP?
De vraag naar een product heeft een constante prijselasticiteit van −0,8, dus Q = A·P^−0,8. Bij een prijs van €20 worden 2 000 stuks verkocht. Hoeveel stuks Q worden er verkocht bij een prijs van €12,00?
De vraag naar een product is Q = 750 − 25P, met P in euro. Bij welke prijs P is de totale omzet het grootst?
Antwoordenblad
- 1. E = −1,2
- 2. E = −2,5
- 3. E = −1,571
- 4. ΔR = −2080 €
- 5. Q = 3010 stuks
- 6. P = 15 €
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.