De prijselasticiteit van de vraag naar een product is −0,3. De prijs wordt met 2 % verlaagd. Met welk percentage %ΔQ verandert de gevraagde hoeveelheid?
Werkblad Prijselasticiteit van de vraag met antwoorden
De prijselasticiteit van de vraag naar een product is −3. De prijs wordt met 10 % verhoogd. Met welk percentage %ΔQ verandert de gevraagde hoeveelheid?
Als de prijs van een kaartje verandert van €8,00 naar €10,50, verandert de weekafzet van 1000 naar 380. Gebruik de middelpuntmethode (boogelasticiteit) om de prijselasticiteit van de vraag E te berekenen.
Als de prijs van een kaartje verandert van €20,00 naar €18,00, verandert de weekafzet van 400 naar 420. Gebruik de middelpuntmethode (boogelasticiteit) om de prijselasticiteit van de vraag E te berekenen.
De vraag naar een product is Q = 2000 − 25P, met P in euro. Bij welke prijs P is de totale omzet het grootst?
De vraag naar een product heeft een constante prijselasticiteit van −1,5, dus Q = A·P^−1,5. Bij een prijs van €8 worden 10 000 stuks verkocht. Hoeveel stuks Q worden er verkocht bij een prijs van €4,00?
Antwoordenblad
- 1. %ΔQ = 0,6 %
- 2. %ΔQ = −30 %
- 3. E = −3,325
- 4. E = −0,4634
- 5. P = 40 €
- 6. Q = 28284 stuks
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.