De tabel geeft de kansverdeling van X, maar er ontbreekt een kans. Bepaal P(X = 4).
Werkblad Kansrekening met antwoorden
1.Makkelijk
x: 1, 2, 3, 4, 5p(x): 0,15, 0,25, 0,15, ?, 0,15
P(X = 4) =
2.Makkelijk
Een zak bevat 8 rode, 3 blauwe en 1 groene knikkers. Je pakt er willekeurig één. Wat is de kans P dat die niet rood is?
8 / 3 / 1
P =
3.Gemiddeld
Bepaal voor de getoonde verdeling de variantie Var(X) van X.
x: 10, 20, 30, 40p(x): 0,05, 0,25, 0,35, 0,35
Var(X) =
4.Gemiddeld
Bepaal voor de getoonde verdeling de standaardafwijking σ van X.
x: 0, 1, 2, 3p(x): 0,35, 0,25, 0,3, 0,1
σ =
5.Moeilijk
X heeft de getoonde verdeling, en Y = 0,5X + 20. Bepaal de standaardafwijking σY van Y.
x: 10, 20, 30, 40p(x): 0,3, 0,3, 0,3, 0,1Y = 0,5X + 20
σY =
6.Moeilijk
Een toets heeft 9 meerkeuzevragen. Een student die gokt, heeft elke vraag onafhankelijk goed met kans 0,5. Wat is de kans P op precies 1 goede antwoorden?
n = 9p = 0,5k = 1
P =
Antwoordenblad
- 1. P(X = 4) = 0,3
- 2. P = 0,3333
- 3. Var(X) = 80
- 4. σ = 1,014
- 5. σY = 4,899
- 6. P = 0,01758
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.