Hoeveel rijen N heeft de volledige waarheidstabel van (c ↔ ¬b) ∨ (¬c ∨ ¬a)?
Werkblad Propositielogica & bewijzen met antwoorden
1.Makkelijk
(c ↔ ¬b) ∨ (¬c ∨ ¬a)
N =
2.Makkelijk
Maak de waarheidstabel af (1 = waar, 0 = onwaar). In hoeveel rijen N is (b → a) ↔ a waar?
(b → a) ↔ a
N =
3.Gemiddeld
Je wilt (c ∧ b) → a bewijzen met de contrapositie. Welke implicatie bewijs je in plaats daarvan? Klik erop.
(c ∧ b) → a
- 1(c ∧ b) ∧ ¬a
- 2a → (c ∧ b)
- 3¬(c ∧ b) → ¬a
- 4¬a → ¬(c ∧ b)
4.Gemiddeld
Je wilt a → (c ∧ b) bewijzen uit het ongerijmde. Welke uitspraak neem je aan het begin aan? Klik erop.
a → (c ∧ b)
- 1¬a → ¬(c ∧ b)
- 2a ∧ ¬(c ∧ b)
- 3¬a ∧ (c ∧ b)
- 4¬a ∧ ¬(c ∧ b)
5.Moeilijk
Welke uitspraak is equivalent met ¬∀x (P(x) ∨ Q(x)), met de ontkenning helemaal naar binnen geschoven? Klik erop.
¬∀x (P(x) ∨ Q(x))
- 1∀x (¬P(x) ∨ ¬Q(x))
- 2∃x (¬P(x) ∨ ¬Q(x))
- 3∀x (¬P(x) ∧ ¬Q(x))
- 4∃x (¬P(x) ∧ ¬Q(x))
6.Moeilijk
De premissen c ∨ b; ¬c ∨ a zijn gegeven. Welke conclusie volgt eruit? Klik erop.
c ∨ b¬c ∨ a
- 1¬b
- 2c ∨ a
- 3b ∧ a
- 4b ∨ a
Antwoordenblad
- 1. N = 8
- 2. N = 3
- 3. ¬a → ¬(c ∧ b)
- 4. a ∧ ¬(c ∧ b)
- 5. ∃x (¬P(x) ∧ ¬Q(x))
- 6. b ∨ a
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.