Een slinger bestaat uit een homogene slanke staaf (1 kg, 1,1 m lang) die aan zijn bovenuiteinde O draait, met een massieve bol met massa 9 kg en straal 0,15 m vast aan zijn onderuiteinde. Het middelpunt van de bol ligt 1,25 m onder O. Bepaal het massatraagheidsmoment IO van de slinger om O.
Werkblad Rotatie van een star lichaam met antwoorden
Een homogene slanke staaf met massa 5 kg en lengte 1,2 m draait om een as O loodrecht op de staaf, 0,15 m van het zwaartepunt G. Bepaal het massatraagheidsmoment IO om die as.
Een homogene slanke staaf met massa 8 kg en lengte 1,5 m is aan één uiteinde scharnierend bevestigd en wordt horizontaal vastgehouden. Hij wordt vanuit rust losgelaten. Gebruik g = 9,81 m/s². Bepaal de verticale kracht R die het scharnier vlak na het loslaten op de staaf uitoefent.
Een blok van 2 kg hangt aan een lichte koord die om een katrol is gewikkeld, een homogene massieve schijf met massa 8 kg en straal 0,25 m die wrijvingsloos om een horizontale as draait. Het blok wordt vanuit rust losgelaten. Gebruik g = 9,81 m/s². Bepaal de spankracht T in het koord.
Een dunne ring met massa 13,5 kg rolt zonder slip met 5,5 m/s. Bepaal zijn rotatie-energie Erot.
Een dunne ring begint vanuit rust en rolt zonder slip van een helling die 25° met het horizontale vlak maakt. Gebruik g = 9,81 m/s². Zijn straal is 0,25 m. Bepaal zijn hoeksnelheid ω nadat hij 3,5 m langs de helling is gerold.
Antwoordenblad
- 1. IO = 14,55 kg·m²
- 2. IO = 0,7125 kg·m²
- 3. R = 19,62 N
- 4. T = 13,08 N
- 5. Erot = 204,2 J
- 6. ω = 15,24 rad/s
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.