Een homogene slanke staaf met massa 6,5 kg en lengte 2,8 m draait om een as O loodrecht op de staaf, 0,3 m van het zwaartepunt G. Bepaal het massatraagheidsmoment IO om die as.
Werkblad Rotatie van een star lichaam met antwoorden
Een homogene slanke staaf met massa 5 kg en lengte 0,4 m draait om een as O loodrecht op de staaf, 0,2 m van het zwaartepunt G. Bepaal het massatraagheidsmoment IO om die as.
Een homogene slanke staaf met massa 6 kg en lengte 0,5 m is aan één uiteinde scharnierend bevestigd en wordt vanuit rust losgelaten in horizontale stand. Verwaarloos wrijving en gebruik g = 9,81 m/s². Bepaal de hoeksnelheid ω van de staaf als hij door de verticale stand zwaait.
Een homogene slanke staaf met massa 18,5 kg en lengte 2,9 m is aan één uiteinde scharnierend bevestigd en wordt horizontaal vastgehouden. Hij wordt vanuit rust losgelaten. Gebruik g = 9,81 m/s². Bepaal de versnelling atip van het vrije uiteinde vlak na het loslaten.
Een homogene slanke staaf met massa 9 kg en lengte 0,8 m hangt in rust aan een wrijvingsloos draaipunt aan zijn bovenuiteinde. Een kogel van 50 g die horizontaal met 460 m/s beweegt, raakt de staaf 0,67 m onder het draaipunt en blijft erin zitten. Bepaal de hoeksnelheid ω van de staaf vlak na de botsing.
Een massieve cilinder rolt zonder slip van een helling die 40° met het horizontale vlak maakt. Gebruik g = 9,81 m/s². Bepaal de kleinste statische wrijvingscoëfficiënt μs die slippen voorkomt.
Antwoordenblad
- 1. IO = 4,832 kg·m²
- 2. IO = 0,2667 kg·m²
- 3. ω = 7,672 rad/s
- 4. atip = 14,71 m/s²
- 5. ω = 7,933 rad/s
- 6. μs = 0,2797
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.