Een gesloten-lussysteem heeft de karakteristieke vergelijking s³ + 2s² − 2s − 16 = 0. Bepaal met het Routh–Hurwitz-criterium het aantal N gesloten-luspolen in het rechterhalfvlak van het s-vlak.
Werkblad Stabiliteit: Routh–Hurwitz en wortelbaan met antwoorden
Een proportionele regelaar met versterking K = 2 regelt het proces G(s) = 5/(s + 2) in een lus met eenheidsterugkoppeling. Bepaal de gesloten-luspool p.
De lus in het schema draait met K = 132 en L(s) = K/(s(s + 5)(s + 6)). Met welke factor m kan de versterking worden verhoogd voordat de gesloten lus instabiel wordt?
Een lus met eenheidsterugkoppeling heeft L(s) = K/((s + 4)(s + 5)(s + 6)), met K > 0. Bepaal de grootste versterking Kmax waarvoor de gesloten lus stabiel is.
De wortelbaan van L(s) = K/((s + 3)(s + 7)) is weergegeven. Bepaal de versterking K in het vertrekpunt sb, waar de twee gesloten-luspolen op de reële as samenkomen.
Bepaal voor de lus L(s) = K/(s(s + 3)(s + 10)) de versterking K die een gesloten-luspool op s = −2,5 plaatst.
Antwoordenblad
- 1. N = 1
- 2. p = −12
- 3. m = 2,5
- 4. Kmax = 990
- 5. K = 4
- 6. K = 9,375
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.