Een gesloten-lussysteem heeft de karakteristieke vergelijking s³ + 5s² − 7s + 30 = 0. Bepaal met het Routh–Hurwitz-criterium het aantal N gesloten-luspolen in het rechterhalfvlak van het s-vlak.
Werkblad Stabiliteit: Routh–Hurwitz en wortelbaan met antwoorden
Een gesloten-lussysteem heeft de karakteristieke vergelijking s³ + s² + 7s + 30 = 0. Bepaal met het Routh–Hurwitz-criterium het aantal N gesloten-luspolen in het rechterhalfvlak van het s-vlak.
Een lus met eenheidsterugkoppeling heeft L(s) = K/((s + 1)(s + 4)(s + 6)), met K > 0. Bepaal de grootste versterking Kmax waarvoor de gesloten lus stabiel is.
De lus in het schema draait met K = 105,6 en L(s) = K/(s(s + 3)(s + 8)). Met welke factor m kan de versterking worden verhoogd voordat de gesloten lus instabiel wordt?
Bepaal voor de lus L(s) = K/(s(s + 4)(s + 6)) de versterking K die een gesloten-luspool op s = −0,5 plaatst.
De wortelbaan van L(s) = K/(s(s + 6)(s + 10)) verlaat de reële as tussen s = 0 en s = −6. Bepaal het vertrekpunt sb.
Antwoordenblad
- 1. N = 2
- 2. N = 2
- 3. Kmax = 350
- 4. m = 2,5
- 5. K = 9,625
- 6. sb = −2,427
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.