Het karakteristieke polynoom van een teruggekoppeld systeem is Q(s) = s⁴ + 4s³ + 3s² − 9s − 4. Maak de Routh-tabel en bepaal hoeveel wortels N van Q(s) in het rechterhalfvlak liggen.
Werkblad Stabiliteit: Routh–Hurwitz en wortelbaan met antwoorden
Een lus met eenheidsterugkoppeling heeft de open-lusoverdrachtsfunctie L(s) = 45/(s(s + 6)). De gesloten-luspolen zijn complex. Bepaal hun imaginaire deel ωd.
Een lus met eenheidsterugkoppeling heeft L(s) = K/((s + 3)(s + 5)(s + 6)), met K > 0. Bepaal de grootste versterking Kmax waarvoor de gesloten lus stabiel is.
De lus in het schema heeft de open-lusoverdrachtsfunctie L(s) = K/(s(s + 1)(s + 10)). De versterking wordt verhoogd tot de gesloten lus op de rand van stabiliteit zit. Bepaal de frequentie ω van de aanhoudende oscillatie.
Een lus met eenheidsterugkoppeling heeft L(s) = K(s + 10)/(s(s + 4)(s + 8)(s + 5)). Bepaal het punt σa waar de asymptoten van de wortelbaan de reële as snijden.
De wortelbaan van L(s) = K/((s + 4)(s + 5)(s + 6)) is geschetst. Bepaal de frequentie ω waarbij de wortelbaan de imaginaire as snijdt.
Antwoordenblad
- 1. N = 1
- 2. ωd = 6 rad/s
- 3. Kmax = 792
- 4. ω = 3,162 rad/s
- 5. σa = −2,333
- 6. ω = 8,602 rad/s
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.