Een gesloten-lussysteem heeft de karakteristieke vergelijking s³ + 2s² + 7s + 28 = 0. Bepaal met het Routh–Hurwitz-criterium het aantal N gesloten-luspolen in het rechterhalfvlak van het s-vlak.
Werkblad Stabiliteit: Routh–Hurwitz en wortelbaan met antwoorden
Het karakteristieke polynoom van een teruggekoppeld systeem is Q(s) = s⁴ + s³ + 4s² + s + 14. Maak de Routh-tabel en bepaal hoeveel wortels N van Q(s) in het rechterhalfvlak liggen.
Een lus met eenheidsterugkoppeling heeft L(s) = K(s + 10)/(s(s + 1)(s + 3)), met K > 0. Bepaal de grootste versterking Kmax waarvoor de gesloten lus stabiel is.
De lus in het schema gebruikt positieve terugkoppeling, met L(s) = 10/(s(s + 1)(s + 5)). Hoeveel gesloten-luspolen N liggen in het rechterhalfvlak?
De wortelbaan van L(s) = K/(s(s + 1)(s + 6)) verlaat de reële as tussen s = 0 en s = −1. Bepaal het vertrekpunt sb.
Bepaal voor de lus L(s) = K/(s(s + 5)(s + 8)) de versterking K die een gesloten-luspool op s = −1 plaatst.
Antwoordenblad
- 1. N = 2
- 2. N = 2
- 3. Kmax = 2
- 4. N = 1
- 5. sb = −0,4774
- 6. K = 28
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.