Een proportionele regelaar met versterking K = 1 regelt het proces G(s) = 2/(s + 1) in een lus met eenheidsterugkoppeling. Bepaal de gesloten-luspool p.
Werkblad Stabiliteit: Routh–Hurwitz en wortelbaan met antwoorden
De karakteristieke vergelijking van een gesloten lus is s³ + a·s² + 2s + 5 = 0. Bepaal de waarde van a waarboven het systeem stabiel is.
Een lus met eenheidsterugkoppeling heeft L(s) = K/((s + 2)(s + 5)(s + 6)), met K > 0. Bepaal de grootste versterking Kmax waarvoor de gesloten lus stabiel is.
De lus in het schema heeft de open-lusoverdrachtsfunctie L(s) = K/(s(s + 2)(s + 6)). De versterking wordt verhoogd tot de gesloten lus op de rand van stabiliteit zit. Bepaal de frequentie ω van de aanhoudende oscillatie.
De wortelbaan van L(s) = K/((s + 1)(s + 3)(s + 6)) is geschetst. Bepaal de frequentie ω waarbij de wortelbaan de imaginaire as snijdt.
De wortelbaan van L(s) = K/((s + 3)(s + 9)) is weergegeven. Bepaal de versterking K in het vertrekpunt sb, waar de twee gesloten-luspolen op de reële as samenkomen.
Antwoordenblad
- 1. p = −3
- 2. a = 2,5
- 3. Kmax = 616
- 4. ω = 3,464 rad/s
- 5. ω = 5,196 rad/s
- 6. K = 9
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.