Een proportionele versterking K regelt het proces G(s) = 1/(s + 10) in een lus met eenheidsterugkoppeling. Bepaal de versterking K die de gesloten-luspool op s = −13 plaatst.
Werkblad Stabiliteit: Routh–Hurwitz en wortelbaan met antwoorden
Bepaal voor het karakteristieke polynoom Q(s) = 2s³ + 2s² + 3s + 21 het element b1 van de eerste kolom in de s¹-rij van de Routh-tabel.
Een lus met eenheidsterugkoppeling heeft L(s) = K/((s + 1)(s + 4)(s + 6)), met K > 0. Bepaal de grootste versterking Kmax waarvoor de gesloten lus stabiel is.
De lus in het schema draait met K = 4 en L(s) = K/(s(s + 1)(s + 3)). Met welke factor m kan de versterking worden verhoogd voordat de gesloten lus instabiel wordt?
De wortelbaan van L(s) = K/(s(s + 5)(s + 10)) verlaat de reële as tussen s = 0 en s = −5. Bepaal het vertrekpunt sb.
Bepaal voor de lus L(s) = K/(s(s + 6)(s + 10)) de versterking K die een gesloten-luspool op s = −2 plaatst.
Antwoordenblad
- 1. K = 3
- 2. b1 = −18
- 3. Kmax = 350
- 4. m = 3
- 5. sb = −2,113
- 6. K = 64
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.