Een proportionele versterking K regelt het proces G(s) = 2/(s + 5) in een lus met eenheidsterugkoppeling. Bepaal de versterking K die de gesloten-luspool op s = −13 plaatst.
Werkblad Stabiliteit: Routh–Hurwitz en wortelbaan met antwoorden
Een gesloten-lussysteem heeft de karakteristieke vergelijking s³ + 4s² + 8s + 50 = 0. Bepaal met het Routh–Hurwitz-criterium het aantal N gesloten-luspolen in het rechterhalfvlak van het s-vlak.
De lus in het schema draait met K = 24 en L(s) = K/(s(s + 4)(s + 6)). Met welke factor m kan de versterking worden verhoogd voordat de gesloten lus instabiel wordt?
Een lus met eenheidsterugkoppeling heeft L(s) = K/((s + 1)(s + 2)(s + 3)), met K > 0. Bepaal de grootste versterking Kmax waarvoor de gesloten lus stabiel is.
Bepaal voor de lus L(s) = K/(s(s + 6)(s + 10)) de versterking K die een gesloten-luspool op s = −5 plaatst.
De wortelbaan van L(s) = K/(s(s + 1)(s + 6)) verlaat de reële as tussen s = 0 en s = −1. Bepaal het vertrekpunt sb.
Antwoordenblad
- 1. K = 4
- 2. N = 2
- 3. m = 10
- 4. Kmax = 60
- 5. K = 25
- 6. sb = −0,4774
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.