Een eerste-ordesysteem G(s) = 5/(s + 10) krijgt op t = 0 een stapingang van grootte 10, vanuit rust. Bepaal de uitgang y(0,07) op t = 0,07 s.
Werkblad Stapresponsie met antwoorden
Een eerste-ordesysteem G(s) = 5/(s + 1) krijgt op t = 0 een stapingang van grootte 5, vanuit rust. Bepaal de eindwaarde y(∞) van de uitgang.
Een systeem heeft de overdrachtsfunctie G(s) = 28/(s² + 7s + 56) en krijgt een eenheidsstap als ingang. Bepaal de eigenfrequentie ωn in rad/s.
Een systeem heeft de overdrachtsfunctie G(s) = 26,5/(s² + 3s + 53) en krijgt een eenheidsstap als ingang. De polen zijn s = σ ± jωd. Bepaal het reële deel σ.
De stapresponsie van een tweede-ordesysteem zonder nullen toont 4,3 % overshoot, en de eerste piek treedt op bij t = 0,5 s. Bepaal de eigenfrequentie ωn.
Een serie-RLC-schakeling met R = 89 Ω, L = 200 mH en C = 1 µF wordt op t = 0 aangesloten op een stap van 12 V. De condensator is ongeladen en er loopt voor de stap geen stroom. Bepaal de procentuele overshoot %OS van de condensatorspanning.
Antwoordenblad
- 1. y(0.07) = 2,517
- 2. y(∞) = 25
- 3. ωn = 7,483 rad/s
- 4. σ = −1,5
- 5. ωn = 8,893 rad/s
- 6. %OS = 73,04 %
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.