Algemene chemie: oefenopgaven en tentamenvragen

Mol en stoichiometrie, zuren en basen, gassen en reactiesnelheden: de berekeningen die in elk scheikundetentamen in het eerste jaar terugkomen.

Oefen dit vak gratisDit vak oefenenMaak een proeftentamenElke dag 5 gratis opgaven. Geen creditcard nodig.

Samenvattingspakket (pdf)Formuleoverzichten, methodestappen en oefenopgaven met volledige oplossingen, klaar om af te drukken.

Onderwerpen in dit vak

  1. Stoichiometriemassa naar massa · beperkende reactant · rendementrekenopgaven
  2. Molariteit en verdunningmolariteit en massa · verdunning · oplossingen mengenrekenopgaven
  3. Ideale gaswetP uit n, V, T · uit massa · toestandsverandering of dichtheidrekenopgaven
  4. Calorimetrie en enthalpieverwarmen met q = m·c·ΔT · calorimeter · vormingsenthalpierekenopgaven
  5. Chemisch evenwichtKc uit concentraties · ICE-tabel · ICE-tabel met een vierkantsvergelijkingrekenopgaven
  6. pH & bufferssterke zuren en basen · zwakke zuren · buffersrekenopgaven
  7. Reactiekinetiekeerste orde · conversie en tweede orde · Arrheniusrekenopgaven

Tentamentips voor Algemene chemie

  • Reken eerst alles om naar mol; de kloppende reactievergelijking werkt in mol, niet in gram.
  • Bepaal de beperkende reactant voordat je een product berekent.
  • Controleer bij zwakke zuren of de benadering voor kleine x geldig is.

Uitgewerkte voorbeelden

StoichiometrieMakkelijk
m(Mg)n(Mg)n(MgO)m(MgO)÷ M(Mg)× 2/2× M(MgO)

Hoeveel massa m MgO ontstaat bij de reactie 2Mg + O2 → 2MgO uit 12 g Mg? De andere beginstoffen zijn in overmaat.

M(Mg) = 24,31 g/molM(MgO) = 40,3 g/mol

Gevraagd: m (g)

Hints tonen
  1. Reken de gegeven massa om naar mol: n = m/M.
  2. De coëfficiënten geven de molverhouding: 2 mol product per 2 mol beginstof.
  3. n(Mg) = 12/24,31 = 0,4936 mol.
Toon het antwoord en de stapsgewijze oplossing

Stoichiometrie: een kloppende reactievergelijking telt deeltjes, geen grammen. Reken massa om naar mol met n = m/M, gebruik de coëfficiënten als molverhouding en reken terug met m = n·M. Bij twee beginstoffen is de beperkende reactant de stof die het eerst op is en bepaalt hoeveel product ontstaat.

Mol beginstof

n = 12/24,31 = 0,4936 mol

Molverhouding

n(MgO) = 0,4936·2/2 = 0,4936 mol

Massa product

m = 0,4936·40,3 = 19,89 g

Antwoord

m = 19,89 g
Molariteit en verdunningGemiddeld
2 mol/LV1​ = ?0,5 mol/L1000 mL

Je hebt 1000 mL van een 0,5 mol/L oplossing nodig en hebt een stamoplossing van 2 mol/L. Welk volume V1 stamoplossing heb je nodig?

c1 = 2 mol/Lc2 = 0,5 mol/LV2 = 1000 mL

Gevraagd: V1 (mL)

Hints tonen
  1. Bij verdunnen blijft het aantal mol gelijk: c₁·V₁ = c₂·V₂.
  2. Los op: V₁ = c₂·V₂/c₁. Je kunt de volumes in mL laten staan.
  3. c₂·V₂ = 500 mmol.
Toon het antwoord en de stapsgewijze oplossing

Molariteit: concentratie c = n/V in mol/L, met n = m/M. Bij verdunnen voeg je oplosmiddel toe maar geen opgeloste stof, dus het aantal mol blijft gelijk: c₁·V₁ = c₂·V₂. Als je twee oplossingen van dezelfde stof mengt, tel je de mollen op en ook de volumes.

Volume stamoplossing

V1 = c2·V2/c1 = 0,5·1000/2 = 250 mL

Antwoord

V1 = 250 mL

Zo werkt het oefenen

  • “Dit vak oefenen” mengt opgaven uit al zijn onderwerpen, net als een echt tentamen.
  • Elke opgave heeft nieuwe waarden, zodat je de methode leert in plaats van een antwoord.
  • Kom je vast te zitten? Open eerst een kleine hint en de volledige uitleg pas als je die nodig hebt.
  • Proeftentamens zijn getimed en hebben geen hints, en aan het eind krijg je je score en een volledige bespreking.

Calculators voor dit vak

Gerelateerde vakken

Oefen dit vak gratisDit vak oefenenMaak een proeftentamenElke dag 5 gratis opgaven. Geen creditcard nodig.